Waardering voor talent: een gelopen race?

gelopen race

Vrijdag 3 oktober volgde ik een masterclass geleid door Marca Wolfensberger en Roland  Persson. De titel: development and professional excellence in a broad perspective. Zo’n 30 collega’s uit het land bijeen om te praten over de praktijk van het excellentie onderwijs.

Vandaag de dag lijkt er een positief klimaat te zijn voor talent met name intellectueel talent. In West-Europa is de hoop gericht op een kennisgebaseerde economie in de concurrentieslag met de opkomende economiën. Dat houdt in dat we meer moeten vertrouwen op intellectuele capaciteiten dan op fysieke en natuurlijke bronnen.  Maar is dat vanzelfsprekend? Roland Persson onderzocht de waardering voor talent in de landen van de Europese Unie en Zwitserland.  In zijn artikel ability climate worden deze Europese landen vergeleken t.a.v de waardering voor verschillende talenten (sport, showbussiness, wetenschap, ondernemerschap, innovatie, maatschappelijke verdiensten). De waardering voor intellectueel talent blijkt in deze verzameling landen in het geheel niet overal zo hoog te zijn. In negen landen is dit dominant. Het zijn vooral de midden Europese landen die op dit onderdeel hoog scoren op zijn voor dit doel ontwikkelde notability index. Zuidelijke en noordelijke landen scoren vooral op talent in relatie tot showbusiness en sport.

Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg

Talent waarderen betekent ook waardering voor anders zijn, afwijken van de gemiddelde norm. Een krachtige norm die precies het tegenovergestelde inhoudt (niet afwijken) is de norm die de Deense schrijver Aksel Sandemose (1899–1965) formuleerde als de zgn. Jantelaw: 10 regels om je niet te onderscheiden. Als voorbeeld: “Je moet je niet inbeelden dat je beter bent dan wij”of “Je moet niet denken dat je meer weet dan wij”.

In Nederland is de norm om je juist niet te onderscheiden terug te herkennen in de uitdrukkingen ‘Doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg’ en ‘steek je hoofd niet boven het maaiveld’ . In Zweden is het begrip lagom (“net genoeg, niet te veel”) een belangrijke uitdrukking van de nationale volksaard. In Duitsland is er bij mijn weten niet zo’n soort uitdrukking en daar blijkt volgens Persson de waardering voor talent ook het meest breed aanwezig te zijn.

De race is dus zeker nog niet gelopen, zeker als het gaat om de erkenning van intellectueel talent. Ik heb de workshop verlaten met een versterkte motivatie om de aandacht te blijven vestigen op het belang om het onderwijs beter af te stemmen op de ontwikkeling van talent.

Door Arie Kool, fellow in de Kenniskring Excellentie in Hoger Onderwijs en Samenleving en hogeschooldocent excellentiebeleid.

  • Het volledige artikel van Persson is getiteld:Persson, R. S. (2011) Ability climates in Europe as socially represented notability. High Ability Studies 22:1 (79-101).
Dit bericht werd geplaatst in Congres bezoek, Evenementen, Onderzoek & wetenschap en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s